Vossen archief

spekvriend

Beste pseudoniem aller tijden

Ze deden hun job goed, die verpleegsters: ons leed verzachten. En’t was nodig, want onze kleine Senne lag de voorbije dagen in’t ziekenhuis met foutgeknoopte darmen. En da’s kak.

Maar goed, de verpleegsters dus. Ze waren fantastisch: zorgzaam en goedlachs. Een gerief om in huis te hebben – vooral in een ziekenhuis. Senne werd goed gesoigneerd en wij ook. Het tofste van al: één verpleegster heeft dR!En en mezelf doen lachen. Hard doen lachen. Niet dat we het hebben laten merken. Zo beleefd zijn we wel.

Donderdagavond. Een jong meisje verwelkomt ons op de pediatrie. Twee vermoeide en humeurige ouders die net onverwacht het nieuws kregen dat hun zoon in het ziekenhuis moet blijven. Ze heeft een kaartje met ’student’ opgeprikt en mag met ons een vragenlijst overlopen.

Bij elke vraag kijkt ze ons angstig aan, alsof we twee hongerige krokodillen zijn. En bij elk antwoord lijkt ze opgelucht dat ze het alweer overleefd heeft. Moedig en onverstoorbaar ploetert ze zich door de lijst. Nauwkeurig ook, zonder een vraag over te slaan. Want een goed beantwoorde vragenlijst, schetst een mooi beeld van de patiënt. “Hoe laat gaat hij slapen?”, “Slaapt hij met een nachtlampje?”, “Wat eet hij graag?”, “Spreken jullie Nederlands met hem?”.

Onze zoon is drie weken oud. Ik herhaal: drie.

Eventjes hebben getwijfeld over de respectievelijke antwoorden: “na FC De Kampioenen”, “een nachtlampje is voor mietjes”, “frut met stoofvlees” en “meestal wel”.

Ze was schattig, de studente. En lief. En jong. En ze moest nog veel leren. Maar ze heeft ons doen lachen, terwijl we eigenlijk op bleiten stonden. Geslaagd met grootste onderscheiding, als ge’t mij vraagt.

Geloof mij: als ge dit plakkaat ziet staan aan een tankstation…

…dan checkt ge of ge wel aan de dieselpomp staat. Dagvers of niet.

spekvriend

Zomers voor de dag

De zomerbaard van deze knapperd is jammer genoeg niet te koop op de website van Esprit.

Sneu.

spekvriend

Voor al uw TV’s, slechts één adres

Een nieuwe kijkbuis koop je bij Frans De Smet, zaakvoerder van Sound en Vision te Denderhoutem (een deelgemeente van Groot-Haaltert, gelegen tussen Ninove en Aalst).

Neem gerust een kijkje op de website.

(kusjes voor @pietrw)

Misschien is het niet cool om te zeggen, maar ik kijk elke vrijdag naar Idool. Bewust, ongedwongen en hondstrouw. Ik zal u vertellen waarom.

Lang lang geleden speelde ik in een rockgroepje waarmee mijn muziekmakkers en ik de lokale podia afschuimden. Tijdens deze trektocht doorheen de Kempen, kwamen we wel eens andere rockers tegen die hetzelfde doel hadden als ons: wereldberoemd worden. De zanger van één van die andere groepjes was Kristof, een toffe kerel die verdomd goed kon zingen. En nu, een jaar of zes later, zie ik die mens ineens op mijn tv verschijnen. Wereldberoemd perdoeme.

Het is de eerste keer dat ik Idool volg, en ik kan u vertellen: als je af en toe een oortje toeknijpt, valt het allemaal wel mee. Hier en daar zie ik talent. Zoals bij Kristof en Kevin en Kato en Manuel en Maureen. Maar laat ons eerlijk zijn, een écht groot idool zit er niet tussen. Niemand die fantastisch kan zingen, geweldig kan dansen én er ook nog eens goed uitziet. In België wonen geen Justin Timberlakes.

Het meest ben ik onder de indruk van de jury. Drie muziekkenners en één idoolkenner die allemaal hun ongezouten mening geven, zonder daarbij iemand te kwetsen. Als het vals is, wordt het gezegd én het wordt geapprecieerd door de kandidaten. Respek!

Enfin, Kristof dus. Van mij mag hij winnen. Ook al vind ik de muziekkeuze niet altijd even geslaagd, het blijft een goeie zanger. En wie een spekvriend zover krijgt dat hij Idool volgt, is sowieso al een winner. You twisted flake you.

‘t Is weer prijs. De vrouw gooit het bestek in de vuilnisbak, samen met de etensrestjes. Ze is verstrooid de laatste tijd. Verward. De man is aan’t verbouwen. Weeral. Een slaapkamer deze keer. Er heerst euforie en een lichte zenuwachtigheid. En vermoeidheid. Er worden foto’s gemaakt. Interne foto’s. Er wordt geluisterd met apparatuur naar snelle klopjes. De vrouw lust ineens geen curryworst meer. En zonder eten is ze mottig. September, da’s nog een half jaar. Ge weet hoe laat het is. Prijs.

Er komt een tweede kind aan. Spannend.

spekvriend

Badkamerbamboe.

Bamboe in de badkamer, wij hebben het. En de mensen vinden dat wel tof, door de band genomen. ‘t Is eens iets anders dan tegels. Nieuwsgierigen komen van heinde en verre met vloervragen. Zelfs vanuit het verre Borgerhoed kwamen er toeschouwers. En iedereen wilde hetzelfde weten. Daarom dit bericht, ter verduidelijking van de bamboevloer.

Bij de verbouwing van onze badkamer hebben we getwijfeld over de vloerbedekking: kurk, tegels of hout. Kurk is meestal lelijk en tegels zijn koud. Dus die twee vielen snel af. Hout dan. Ook niet simpel, want een grenen vloer dat wringt in vochtige ruimtes. Binnen de kortste keren zit ge met spleten. En als er één ding is dat ge niet wilt in de badkamer, dan zijn het spleten. Dus kozen wij uiteindelijk voor bamboe, want bamboe is keihard. Bamboe wringt niet. Bamboe is warm. En die van ons is pandavriendelijk, dat kunt ge van kurk niet zeggen. En zeker niet van tegels. Daar worden die beesten mottig van.

Hoe legt ge dat dan, zo’n bamboevloer? Awel, wij hebben gekozen voor een bamboeparket van Moso. Massiefstrook. Dat zijn plankjes met tand en groef, die vlot in elkaar passen. Wij hebben die planken verlijmd op onze OSB-ondervloer met een tweecomponenten epoxypolyurethaanlijm. Dat klinkt indrukwekkend, maar eigenlijk is dat gewoon een grote pot lijm, waar ge dan wat chemisch product bijkapt en dat plakt dan heel hard. Kortom: goei spul. Gewoon met een lijmkam aan te brengen.

Als alles op zijn plaats ligt, dan schuurt ge de vloer, met de plankjes mee en met korrel 100. Staat zo in de handleiding van de bamboevloer. Wij deden dat met de hand, trouwens, dat schuren. Old school. Na het schuren en ontstoffen, kunt ge de vloer oliën. De olie met een borstel of een rol aanbrengen, laten intrekken en schoonwrijven met een oude t-shirt. Wij gebruikten een (rood-)bruine olie en zijn content van het resultaat.

Het onderhoud is ook simpel: stofzuigen met een parketborstel en af en toe met natuurzeep poetsen. En na een paar jaar eventueel opnieuw opschuren en in de olie zetten. Aangezien de badkamer niet de meest belopen ruimte van een huis is, moet dat heus niet elk jaar. Hebben ze mij verteld.

Soit, bamboe in de badkamer, wij zijn er content van. Een aanrader.

spekvriend

Dag auto met je drankprobleem

Dag auto met je klik-broem-start-altijd,
jij onverwoestbare tank,
mijn leermeester op de baan,
zwarte parel waar niemand jaloers op was.
Ik ga je missen.

Dag trouwe kilometervreter,
239.123km gereden op super95,
en ook al is je motor nog niet versleten,
en zou je wellicht de 300.000 halen,
ik ga je missen

Dag blutsvrije vroemvroemvriend,
wij hebben nooit gebotst,
(op enkele parkeerkusjes na)
(sorry daarvoor)

want met liefde streelden mijn voeten jouw pedalen.
Bedankt voor de veilige jaren.
Ik ga je missen.

Dag auto met je drankprobleem.
Je zuipt veel te veel en je naftbak lekt.
Aangezien pampers nog niet bestaan,
voor incontintente wagens,
ga ik je missen.
Heel hard.

(Brief aan een Toyota Carina E uit 1995)

spekvriend

Een school kiezen.

Een school kiezen. How jom, da’s niet simpel als ge in den 2060 woont. We hebben geen referentie en weinig houvast. En onze dochter is nog maar anderhalf. Maar het moet, nu al. En het is belangrijk. Want ge kiest niet alleen voor een kleuterschool, maar eigenlijk ook al voor een lagere school. En onrechtstreeks dus ook al voor het middelbaar en de universiteit en haar doktersdiploma (cardiothoracale chirurgie zal ze studeren, later). Misschien overdrijf ik lichtjes, maar toch: de basis moet goed zijn.

Een paar jaren geleden waren er in onze buurt alleen maar concentratiescholen te vinden, maar dankzij School in Zicht is de instroom nu iets breder. Om een idee te geven van de huidige situatie: een buurtschool in Antwerpen-Noord heeft 25 à 30 verschillende nationaliteit en streeft naar 30% ‘niet-GOK-leerlingen’, zoals dat dan heet. Dat laatste betekent dat bijvoorbeeld de moeder een diploma secundair onderwijs heeft, of dat er thuis Nederlands gesproken wordt, of dat de kinderen niet in een pleeggezin of instelling wonen, enzovoort, enzoverder. Ge snapt het wel.

Waarom dan een buurtschool? Awel, wij wonen hier. En vrij graag zelfs. Dat wist ge al misschien. Het heeft dan ook weinig zin dat we onze dochter 5 kilometer van ons huis naar school sturen, als we scholen op wandelafstand van de voordeur hebben die hetzelfde bieden. Dat laatste is wel een vereiste.

Als er één ding is dat ge als jonge frisse ouders niet wilt, is dat uw kind iets tekort komt. Ook niet in het onderwijs. Onze dochter moet alle kansen krijgen die ze verdient en ze moet uitgedaagd worden om al haar talenten te ontdekken. We moeten eerlijk zijn: er heerste bij ons wel wat vrees dat het niveau van buurtscholen in den 2060 lager is, dan in andere scholen. Wij moesten een beetje overtuigd worden. Dus: maandag en dinsdag schuimden wij enkele scholen af, samen met vele andere ‘School in zicht’-ouders.

En ja, we zijn overtuigd: onze dochter zal naar een buurtschool gaan. Sommige scholen haalden cijfers boven als garantiebewijs voor succes, andere scholen overtuigden door een positieve mentaliteit, visie en aanpak. Mooi om te zien hoe directies en leerkrachten omgaan met de grote diversiteit, dat moet niet makkelijk zijn. Want het gaat niet alleen om taal of rekenen. Een goed beeld krijgen van diversiteit hoort òòk bij goed onderwijs. Ik was onder de indruk. De scholen bezoeken was een leerrijke en grappige ervaring. Al die kleine rakkers in alle kleuren van de regenboog die zo schoon chaotisch rondlopen op de speelplaats. Geen muziek die zo vrolijk klinkt als kleutergejoel. Lap, ik word plotsklaps melancholisch. Maar ik ben dan ook al 25 jaar niet meer op een kleuterschool geweest.

Eén school van de vijf die we bezochten, overtuigde ons niet. Niet omdat we twijfels hebben bij het niveau van die school, maar omdat er een negatief/repressief sfeertje hing. ‘t Is te zeggen: dat sfeertje ging vooral uit van de directrice. Misschien niet fair om de hele school en het lerarenkorps daarop af te rekenen, maar we stapten met een slecht gevoel buiten. En bij twijfel, moet ge niet twijfelen. Van het lijstje geschrapt dus.

Binnen één maand zullen we klaar zitten aan de computer om onze dochter in te schrijven in een school. Met okselvijvers onder de armen toekijkend hoe de server crasht als iedereen tegelijkertijd inlogt en hopend dat we plaats hebben in één van de scholen in de buurt. Spannend. Toch wel.

spekvriend

Is het hondje daar wel handig genoeg voor?

Zaterdagochtend, zeven uur. Spelend in de living, zoals gewoonlijk. De dochter komt met haar pluchen hond aandraven, want ‘alles wat het hondje doet, is grappig’. Het knuffeldier is haar grote liefde, haar steun en toeverlaat, haar grapjas, haar held. Want het hondje kan àlles en stelt nooit teleur.

Dus maakt het hondje een grote toren van Duplo, ververst het hondje een kakpamper (zonder daarbij de poten te bevuilen), maakt het hondje een kleurrijke tekening met wasco’s, laadt het hondje het afwasmachien uit, smeert het hondje een boterham met choco, maakt het hondje een puzzel, leest het hondje een boek met flapjes, doet het hondje een paard na en maakt het hondje een kunstwerk met steeknageltjes. Ge leest het goed: een hond die met steeknageltjes speelt op zaterdagochtend tussen zeven en acht. Dàt vindt onze dochter grappig. En als het hondje moe is, dan wordt de dochter boos.

Vandaag heb ik de vraag durven stellen: “Is het hondje daar eigenlijk wel handig genoeg voor?”. Het antwoord kwam zonder aarzelen en was duidelijk: “ja papa, hondje”.

Ik haal diep adem.
Het hondje blaast een ballon op en legt er een knoop in.
De dochter giert van het lachen. Met haar naïeve vader wellicht.

Volgende »