archief voor de 'respek' categorie

spekvriend

Schoon gerief van Guttlin Guitars

In heel mijn leven heb ik al veel gitaren gezien, in alle vormen en kleuren. Alles van Fender, Gibson, Gretsch en konsoorten en creaties van gitaarbouwers over heel de wereld zijn mijn ogen gepasseerd. Nee, deze jongen is niet snel meer onder de indruk.

Maar kijk, wat Guttlin Guitars oa. maakt:

Guttlin

Wow. Daar gaat mijn hartje sneller van slaan. En niet alleen deze Thin King is een lekker ding, ook de andere gitaren hebben schitterende looks. Check de website.

Een paar maand geleden kreeg ik die pareltjes al in de mot op Youtube en blijkbaar ben ik niet de enige die onder de indruk is. Schitterend design, goede materialen en -als ik de commentaren en de filmpjes mag geloven- ook een fantastisch geluid.

Het beste van al: de bouwer Guttlin Guitars komt uit België. Dat ligt vlak bij Antwerpen. Mijn vingers, perdoeme ze jeuken.

Respek.

spekvriend

Op de motorkap van Jenny.

Vanmorgen heeft Jenny uit Thuis mij bijna omver gereden. Een speciale ervaring.

Al jarenlang volg ik de avonturen van Jenny op tv. Toen ze nog met Dr. Dre (for real) getrouwd was, vond ik haar al tof. En zelfs toen ze nog Angèle heette en op reis ging naar Benidorm was ik fan. Toch vond ik haar minder sympathiek toen ze mij vanmorgen bijna op de motorkap had liggen. Heel eventjes was ik zelfs boos op Jenny. Heel eventjes maar, want het regende en het was vroeg en ze had stickers van Afrika op de achterruit van haar C3 plakken en ik droeg geen fluovest. En dan nog dat gedoe met Roza en Peggy, ocharme. Allemaal verzachtende omstandigheden.

Jenny, jij blijft voor altijd mijn vriendin. Zelfs in het verkeer.
Er is al genoeg ruzie in de wereld.

Kerstavond 1989 zal ik niet snel vergeten. Met heel de familie zaten we gezellig rond de haard en zongen we uit volle borst kerstliedjes, toen plots de deurbel ging.

Ding dong.
Het was 1989, weet je wel.

Iedereen keek stomverbaasd. “Verwacht jij nog iemand?”, vroeg ik aan papa. Dat bleek niet zo te zijn. Snel keken we of heel de familie wel in de huiskamer zat. Waar zit Stijn? Hier! Waar zit Marieke? Hier! Waar zit Pieter? Hier! Waar zit Thomas? Hier! Waar zit Spekvriend? Hier! Waar zit ons Shaunikaë? Hier!
We waren er allemaal.

Papa zette zijn mok warme chocomelk opzij en ging naar de voordeur. “Wie is het, pap?”, riep Shaunikaë. Lijkbleek kwam papa de huiskamer weer binnen, gevolgd door niemand minder dan de Kerstman zelf. Hemeltjelief, de Kerstman zelf. Eerst wilde ik het niet geloven, want in het dorp waar ik woonde, dwaalden wel vaker gekke mensen rond als het donker was. Na een eenvoudige test met de baard, het haardvuur en een blaasbalg bleek er geen twijfel mogelijk: het was de echte.

In zijn dolle rit rond de wereld was de brave man uitgerekend voor ons huis in de gracht gereden met zijn slee. Hoogstwaarschijnlijk had de Kerstman een glaasje te veel op en reed hij te snel, maar we zwegen. Toekomstgericht denken, had papa ooit gezegd. De Kerstman zelf was ongeschonden uit de gracht gekomen, maar Rudolf, het arme dier, had bij het ongeval zijn poot gebroken en kon de tocht niet meer verder zetten. Een ramp, dat spreekt voor zich. De Kerstman was overstuur en huilde tranen met tuiten. “Wat moet ik nu doen?”, snikte hij.

In het Land van Verdriet, was de Kerstman koning.

Behulpzaam als ik ben, haalde ik Rudolf uit de gracht en spalkte zijn poot. Mama maakte een lekkere kop chocomelk voor de Kerstman en de rest van de familie hield zich ondertussen vooral bezig met de slee. Eén voor allen en allen voor één. De materiële schade viel nogal mee: de cardanas had het begeven en er zat sneeuw in de roetfilter, maar gelukkig had Shaunikaë een workshop vervoersmechaniek gevolgd op school. In een wip was de slee hersteld.

Omdat Rudolf defect was en heel de wereld op pakjes zat te wachten, stelde papa voor om onze hond Pukkie te wisselen tegen het rendier. Het was een windhond, dus dat kwam goed uit. Pukkie vond het ook prima en blafte luid. Zelden in mijn leven heb ik zo’n blije Kerstman gezien.

Als blijk van dank kreeg iedereen een pakje. Ik koos voor de cd Hitbox 1989. Daarop stond bijvoorbeeld Pump Up the Jam van Technotronic en Bring Me Edelweiss van Edelweiss. Omdat de Kerstman in een vrijgevige bui was, gaf hij me ook een single van Brenda Lee: Rockin’ Around the Christmas Tree.

Nu zijn we bijna 20 jaar later en durf ik toegeven dat Hitbox 1989 niet de beste keuze aller tijden was. Bovendien mis ik mijn hond, want hoewel we Rudolf hebben opgestuurd naar Lapland, hebben we Pukkie nooit meer terug gezien. Nochtans was het mijn lievelingsdier. Eigenlijk is de enige goeie herinnering die ik overhoud aan deze historie de single van Brenda Lee.

Het is nooit te laat voor een nieuwe hond, Kerstman.

spekvriend

Wilco – Ogen toe en meezingen.

Vrijdag speelden Jeff Tweedy en De Zijnen in de AB, en wij waren erbij. Ik ben nogal een grote fan van Wilco. Zo’n fan die alle cd’s in huis heeft. Zo’n fan die in goede en kwade dagen hun platen draait. Zo’n fan die oprecht geniet van hun muziek.

In het begin van het concert dacht ik bij mezelf dat Wilco toch een goede liveband was. Dat ze het wel goed kunnen, dat truukje van ‘een schoon melodietje laten verdrinken in totale chaos’. Dat die spastische gitarist waarschijnlijk een onuitstaanbare kwal moet zijn, maar dat zijn talent alles goed maakt. Dat Jeff Tweedy er slecht uit zag, maar die stem, jongens toch, die stem. Dat die rechtse gitarist/toetsenist precies nog een jong gastje was. Dat het geluid goed was. En die drummer, en die bassist en die toetsenist; ik heb ze allemaal goed bestudeerd.

En dan ineens zong Tweedy een paar zinnetjes die mij recht in het hart raakten. Vanaf toen dacht ik niks meer. Gewoon ogen toe en meezingen.

Heerlijk.

(Op djoebdjoeb zijn al een paar filmpjes opgedoken van het concert. Bijvoorbeeld: Impossible Germany. Miljaar, weeral kippenvel. )

dR!En

Tramgeweld

Aan alle bejaarden, tram-leken en …andere:

Eérst de mensen laten uitstappen alvorens ge u via ellenbogenwerk een zitplaats tracht te veroveren!
Ik ga NIET aan de kant, ik maak lelijke opmerkingen in uw gezicht en sinds ik mijn baby met me meedraag moet ik mij inhouden om u geen toek te geven.

Dank u.

spekvriend

De beste frieten komen uit China.

“Het frietkot is het gezicht van België”, staat in alle boekskes. Ge moet het niet geloven. Als’t in de boekskes staat, is’t altijd verzonnen. Ik haal mijn zak patat al lang niet meer bij Frituur Miranda, Gust of Danny met hun ranzige curryworsten, slappe samuraisaus en vettige ramen. Mijn frieten komen van bij Cheng en Miao van Frituur Peking.

Cheng en Miao bakken volgens de Oosterse traditie: goudgeel en met een laag vetgehalte. Zoals het hoort dus. Licht verteerbaar en knapperig snelvoedsel; de perfectie nabij. Hun bakwijze van curryworsten tart alle verbeelding en daar kan elke friturist wat van leren. Alleen de kaaskroketten van Frituur Peking kunnen krokanter, maar dat zien we door de vingers. Een kaaskroket wordt wel vaker onderschat.

Mooi om te zien hoe Cheng en Miao vliegensvlug hun bakjes friet inpakken. Als ware het een stijloefening, of een origamiwedstrijd. Eerst enkele horizontale handbewegingen, dan enkele verticale en diagonale vouwlijnen, om te eindigen met de twee handen loodrecht op de tafel en daartussen de bakjes friet. “Neejen eujo dejti astublie”, rond ik dan met veel graagte af naar boven. Voor het spektakel.

Eat that Miranda, Danny en Gust.

spekvriend

Lefever, gij schavuit.

Lefever, gij schavuit. Dat hadt ge nu toch niet moeten doen, mij omtoveren tot stripheld.

(klikken om te vergroten)
spekvriend

Straks krijg ik nog grootheidswaanzin. Dan koop ik een hond die Pekkie heet, dan knutsel ik een teletijdsmachine, dan bouw ik een auto die rijdt op gras en dan noem ik mijn kinderen Constantinopel en Fanny en na 100 avonturen wil ik mijn eigen musical. En daar knelt het schoentje: ik kan helemaal niet zingen.

Gaat gij mij dan vervangen op het podium? Ik denk het niet.
Dat zou opvallen.

Heeft er iemand het telefoonnummer van Jelle Cleymans?

spekvriend

Zwartepietenstreken.

Makkers staakt uw wild geraas. Zonder Piet geen Sinterklaas.

Voor zover ik weet, is het niet de Sint die lenig en gezwind over de daken galoppeert. De beste ruiters staan immers aan wal. Een paard, een staf, een mantel, een mijter,… dat neemt een mens niet mee op een dak, geloof mij. Neen, ik weet zeker dat het de gebronzeerde jongens zijn die het stunt- en vliegwerk doen.

Vanmiddag heb ik mezelf buitengesloten: deur dicht, geen sleutels op zak en vooral niemand in de buurt die wél sleutels had. Na een korte bezinning in de dichtstbijzijnde pitazaak besloot ik om als een heuse Zwarte Piet in ons huis binnen te dringen. Mijn ideale partner in crime was onze Marokkaanse buurman. Waarvoor dank.

Via het dak van de buurman ben ik naar een ander dak gesprongen om dan met een ladder 10 meter lager op onze binnenkoer te belanden. Heelhuids. Ik ben nog nooit zo blij geweest met onze gammele achterdeur. Als een Zwarte Piet dit toevallig zou lezen: het is een veilige route. Pintjes staan in de ijskast.

Een paard, een staf, een mantel, een mijter,… dat neemt een mens niet mee op een dak, geloof mij.

Awel ja, zo zou elk restaurantje mogen zijn: schappelijk van prijs, enthousiaste bediening, lekkere huiswijn en vooral heel lekker eten. Lollapalooza heeft het duidelijk gesnopen. I’m impressed.

Voor de hongerigen onder u: Lollapalooza vind je in de Pelgrimstraat in A’pen. Best wel reserveren, denk ik.

Smakelig!

spekvriend

Astronaut

Ik herinner het mij nog alsof het gisteren was. In het tweede middelbaar vroeg de leerkracht aan een klasgenote van mij: “wat wil jij later worden?”. Zij antwoordde: “astronaut”. Mijn ogen werden als planeten zo groot. Astronaut perdoeme. Da’s eens wat anders dan dokter of brandweervrouw.

Ze werd geen astronaut.

spekvriend

Veiligheid is troef

Aan de mevrouw die zonet met een brommerhelm op het hoofd aan het winkelen was in de Delhaize: respek.

Veiligheid is troef.

Volgende »